Peter
Voor sommige mensen voelt stoppen niet als een eindpunt, maar als een nieuw begin. Gedreven door betrokkenheid, nieuwsgierigheid en de wil om te blijven bijdragen. Dit is het verhaal van Peter Hogenboom.
Waarom stoppen geen optie was
Of hij nu in het gebouw klust, met kinderen werkt of muziek brengt in de wijkcentra: Peter Hogenboom is iemand die kunst, cultuur en techniek tot leven wekt voor iedereen die hij ontmoet. Zijn inzet laat zien hoe waardevol het is om kennis en passie te delen, binnen én buiten het CKC. Voor Peter is het CKC een plek waar hij zich thuis voelt. “Ik ben er trots op dat ik daar een klein deel van mag uitmaken.”
Toen hij in 2020 met pensioen ging, voelde stoppen niet logisch. Daarom was de overgang van medewerker naar vrijwilliger een heel natuurlijke. “De jaren voor het pensioen heb ik het heel erg naar mijn zin gehad bij het CKC. Stilzitten is nooit een optie geweest dus was het idee om als vrijwilliger door te gaan geen moeilijke beslissing.” Zijn betrokkenheid bij het CKC bleef, alleen zijn rol veranderde.
Die rol is inmiddels drieledig. In het gebouw ondersteunt Peter bij technische projecten en onderhoud, zoals de verbouwing van het Auditorium naar Filmhuis. Maar ook alle reguliere facilitaire hulpvragen die zich op dat moment voordoen, pakt hij op.
Daarnaast geeft hij technische workshops waarin kinderen leren figuurzagen, muziekinstrumentjes maken of eenvoudige elektronica bouwen. “Het doel ervan is de kinderen te leren vanuit een plan een bruikbaar werkstuk te maken en ze enthousiast te krijgen voor het werken met je handen.”
Zijn werk met de taalklassen, klassen speciaal voor kinderen van nieuwkomers om de Nederlandse taal te leren, raakt hem misschien wel het meest. Omdat veel kinderen nauwelijks Nederlands spreken, ontwikkelde hij een programma met tekeningen. “Het geeft heel veel terug als je je eigen passie voor techniek en creativiteit aan deze kinderen tracht over te brengen.”
Eén verhaal zal Peter voor altijd bijblijven. Een groot deel van de taalklaskinderen is ondergebracht bij COA-slaapplekken. “Dit zijn kale, naargeestige en met lakens van elkaar gescheiden ruimtes, die na de workshop door de kinderen werden opgevrolijkt door de verlichte kersthuisjes die ze zelf maakten.” Dit gaf een moment van ontroering en tranen bij zowel de juf als bij Peter zelf.
Zijn derde rol brengt hem de wijken in, waar hij muziekworkshops verzorgt in opdracht van Wijck. Hij kiest thema’s als luisterliedjes, vertelt verhalen bij de liedjes en zingt samen met de deelnemers. In één wijk is dit inmiddels een vaste routine geworden, eens in de acht weken, mét een extra kersteditie.
Muziek blijft een rode draad in het leven van Peter. “Vanaf mijn twaalfde speel ik gitaar en zingen deed ik altijd wel. Ik zong als cantor in de kerk en verdiende geld voor mijn zanglessen door te zingen in een combo en gitaar te spelen. Na acht jaar intensieve klassieke zangles heb ik met succes auditie gedaan bij het Concertgebouwkoor”. Muziek geeft hem schoonheid, rust en ontspanning. “Ik zou niet zonder kunnen”.
Zijn trots reikt verder dan zijn eigen werk. “In de overtuiging dat het CKC een hele fijne werkgever is, heb ik mijn zoon gestimuleerd hier te solliciteren.” Dat zoon Hinse nu zelf bij CKC werkt, voelt als een bijzonder vervolg van zijn eigen verhaal.