Maarten
Sommige tradities beginnen klein, maar groeien uit tot iets dat generaties verbindt. Het CKC Muziekconcours was daar een voorbeeld van. Maarten Boersma stond in 2001 op het podium bij de allereerste editie. Dit is zijn verhaal.
De eerste winnaar van een traditie die bleef groeien
In 2001 stond Maarten als veertien- of vijftienjarige slagwerker op het podium tijdens de allereerste editie van het CKC Muziekconcours. Met een uitgebreide slagwerksetup speelde hij een stuk, geschreven door zijn docent Lex Knijnenburg. ”Een pittig stuk, ritmisch uitdagend, maar wel als een soort verhaal.” De winst voelde geweldig, al voegt hij er sportief aan toe dat Dani Luca (piano) ook zeker had mogen winnen.
Maarten groeide op met muziek. “Mijn ouders zaten bij muziekvereniging Kunst en Vriendschap. Daar ben ik begonnen als slagwerker en daar speel ik nog steeds.” Voor drumles ging hij naar het CKC. Hij volgde lessen bij Lex en later ook bij Luuk Kranenburg. Hij merkte meteen de kracht van de plek: “Het grote voordeel van het CKC was dat je goed de mogelijkheid hebt om in verschillende samenstellingen samen muziek te maken met andere muzikanten.”
Maarten kijkt met mooie herinneringen terug op al die jaren. “Meedoen aan het Christina Concours met hetzelfde stuk waarmee ik het concours won, een gezellig babbeltje met Joke van de administratie, mijn HaFaBra D-examen met Joep Annegarn in de jury. Ook een mooi moment!”
“We hadden op een gegeven moment een leuk slagwerktrio met onder andere Yvo Putter. Als verrassing deden we een keer mee aan een voorspeelavond van Lex onder de titel ‘Onkruid vergaat niet’.” Het zijn herinneringen die samen een tijdperk vormen.
Dat het concours na 25 jaar is uitgegroeid tot Young Music Talent, vindt hij vooral mooi: een traditie die jongeren een doel geeft om naartoe te werken. Zelf is hij inmiddels afgestudeerd aan het conservatorium. Muziek is voor hem simpelweg een deel van wie hij is: “Niet weg te denken. Ik haal daar heel veel voldoening en energie uit.”
Wat hij het jochie van toen zou zeggen? “Vooral lekker zo blijven doorgaan en genieten van de mooie momenten die nog komen gaan.” Boven alles voelde Maarten zich altijd thuis bij het CKC; voor hem was het een warm bad om binnen te stappen.